Bijlage Gezondheid Friese Stabij (overgenomen van de NVSW)

Stabij’s fan ´e Twellegeaster Buorren

De Stabijhoun is, ondanks de kleine populatie, gelukkig een relatief gezond ras. De NVSW en de fokkers doen er alles aan omdat zo te houden. Desondanks zien we bepaalde aandoeningen min of meer regelmatig terug. Het fokbeleid van de rasvereniging is erop gericht om deze zoveel mogelijk te beperken. Dat is nog niet zo eenvoudig want de oorzaak is niet altijd duidelijk en ook niet altijd erfelijk. En we mogen niet te veel honden van  de fokkerij uitsluiten, want dan verliezen we erfelijk materiaal. Dat zorgt onvermijdelijk voor een hoger inteeltpercentage, en dat kan weer leiden tot juist meer erfelijke aandoeningen. We staan dus voor een uitdaging !

Hieronder staan in het kort de problemen die bij de Stabijhoun bekend zijn, hoe vaak (of hoe weinig) ze voorkomen in de populatie, en hoe de vereniging ermee omgaat.

 

Heupdysplasie (HD): is een ontwikkelingsstoornis van de heupgewrichten, veroorzaakt door zowel erfelijke als milieufactoren. Symptomen zijn moeite met opstaan en kreupelheid van de achterhand. HD kan worden vastgesteld m.b.v. röntgenfoto’s. Uitslag HD-A is het beste, HD-E het slechtste. Hoe vaak komt het voor : gemiddeld 3 a 4 keer per jaar wordt röntgenologisch HD-D bij een Stabij geconstateerd, echter zelden met klinische klachten. HD-E is de afgelopen 10 jaar 1 keer vastgesteld. Slechts een enkele keer is kreupelheid gezien die een operatie noodzakelijk maakte. Fokbeleid van de NVSW: HD-onderzoek is verplicht. Er mag gefokt worden met HD-A, B en C, waarbij B en C uitsluitend gepaard worden aan A of B.  Met HD-D en E mag niet worden gefokt.

 

Elleboogdysplasie (ED): is een verzamelnaam voor 3 soorten ontwikkelingsstoornissen aan de ellebooggewrichten, veroorzaakt door zowel erfelijke als milieufactoren. Lijders vertonen kreupelheid aan de voorbenen. ED wordt vastgesteld m.b.v. röntgenfoto’s, dragers herkent men hier niet mee.

Hoe vaak komt het voor: gemiddeld 3 a 4 keer per jaar wordt ED bij een Stabij vastgesteld, de hond loopt kreupel en moet veelal geopereerd worden. Er is een goede prognose als er op tijd ingegrepen wordt.

Fokbeleid van de NVSW: ED-onderzoek is niet verplicht. Met lijders en bewezen dragers mag niet gefokt worden, een bewezen drager is een hond die de aandoening in 2 verschillende nesten doorgegeven heeft. Directe familieleden van lijders kogen niet gecombineerd worden met honden die ook lijders onder hun directe familieleden hebben.

 

Epilepsie :is het optreden van een plotselinge stoornis in de hersenen waarbij een hond de controle verliest over een deel de lichaamsfuncties : hij krijgt hevige spierkrampen, hij valt om, kan gaan schuimbekken en  zijn urine/ontlasting laten lopen. Er zijn ook mildere uitingsvormen. Epilepsie kan erfelijk zijn maar ook veroorzaakt door milieufactoren. De erfelijke vorm openbaart zich bij de Stabij meestal rond de leeftijd van 2 a 3 jaar.

Hoe vaak komt het voor : epilepsie kwam vaak voor, maar sinds het fokbeleid erop ingesteld is, zijn er gemiddeld nog zo’n 4 meldingen per jaar. Fokbeleid van de NVSW : preventief onderzoek naar dragers is helaas niet mogelijk. Net als bij ED mag met lijders en bewezen dragers niet worden gefokt.

 

Persisterende Ductus Arteriosus (PDA): is een hartaandoening ook bekend onder de namen ‘Open ductus’ of ‘Ductus Botalli’ . Bij de pupcontrole door de dierenarts op de leeftijd van 6 weken is een luid machinekamergeruis te horen aan de linkerzijde van het hart. Oorzaak is het niet sluiten van een belangrijk bloedvat direct na de geboorte. De oorzaak kan spontaan en geïsoleerd tot 1 geval zijn, maar ook erfelijk bepaald zijn. Indien niet behandeld overlijdt de hond uiteindelijk aan hartfalen en/of longoedeem. Bij tijdig operatief ingrijpen is de prognose uitstekend.

Hoe vaak komt het voor: PDA wordt in 2 a 3 nesten per jaar geconstateerd. Het aantal lijkt te stijgen, reden om extra onderzoek te laten doen. Fokbeleid van de NVSW: preventief onderzoek naar dragers is helaas nog niet mogelijk. Net als bij ED en Epilepsie mag met lijders en bewezen dragers niet gefokt worden.

 

Neurologische afwijking; een erfelijk neurologische aandoening. Rond de leeftijd van 6 weken gaan de pups afwijkend en dwangmatig gedrag vertonen : steeds dezelfde beweging herhalen, rondjes draaien, achteruit of heen en weer lopen. Lijders hebben een overmatige bewegingsdrang, eten slecht, vermageren sterk en overlijden binnen enkele maanden. Gelukkig is in 2015 het gen gevonden wat deze aandoening veroorzaakt.

Hoe vaak komt het voor : het is tot nu (2012) toe in 5 nesten geconstateerd.

Fokbeleid van de NVSW: van alle Stabij’s waarmee gefokt wordt moet d.m.v. DNA onderzoek via de Universiteit van Utrecht vastgesteld worden of zij drager of vrij van het defecte gen zijn. Dragers mogen niet met elkaar gecombineerd worden zodat er in de toekomst geen lijders meer geboren zullen worden.

 

Von Willebrands Disease Type 1 (VWD): is een bloedstollingsafwijking die in 3 types voorkomt. Bij de Stabij is Type1, de meeste milde vorm, geconstateerd. Er is een verminderde aanmaak van een bepaalde stollingsfactor waardoor honden een verlengde bloedtijd kunnen laten zien. Dragers lopen weinig tot geen risico, lijders kunnen bij grote verwondingen of operaties problemen krijgen. Er is een DNA-test beschikbaar die lijders,  dragers en vrije honden kan identificeren.

Hoe vaak komt het voor: ruwweg 25% van de Stabij’s is vrij, 50% is drager en 25% is lijder van VWD. Klinische klachten worden zelden gemeld.  Fokbeleid van de NVSW: er is geen fokbeleid voor VWD, de DNA-test is niet verplicht.

 

Sporadisch worden andere gezondheidsproblemen gemeld waarbij lang niet altijd vastgesteld kan worden of het om een erfelijke aandoening gaat of om een enkel geïsoleerd geval. Met deze honden mag in ieder geval niet gefokt worden. Een fokker die lijnen wil kruisen waar hetzelfde probleem aan beide kanten wordt gezien, wordt door de Fok Advies Commissie gewezen op het risico.

 

Onderzoek en registratie gezondheid

Gezondheidsproblemen worden geregistreerd in onze database ZooEasy, we zijn daarbij afhankelijk van meldingen van eigenaren en fokkers. Alle Stabijhouneigenaren krijgen voorafgaand aan de fokkersdag een gezondheidsenquête, als de honden 1 tot 1,5 jaar oud zijn.

De Raad van Beheer stelt bij dekkingen vanaf 1 juni 2014 afname van DNA  bij pups en hun ouders verplicht  t.b.v. afstammingscontrole.

 

Kijk voor uitgebreide informatie op www.NVSW.nl , bij Stabijhoun, Gezondheid.